de zeven componenten of parameters

Wanneer is een compositie nu goed of slecht?

Veel mensen doen dat op hun gevoel. Maar er zijn wel handvatten om tot een oordeel te komen: de zeven componenten of parameters.

‘Hoe moet ik nu beoordelen of een stuk goed, matig of slecht is?’, vroeg een student orkestdirectie. ‘Dat hoor je toch,’ zei een ander, een student hafabra-directie.
‘Dat is waar, je gevoel zegt heel veel over een stuk,’ zei de leraar. ‘Maar niet alles.’

Wanneer ik een compositie voor het eerst hoor, en ik krijg kippenvel in mijn nek, dan weet ik dat ik iets bijzonders hoor. Mijn gevoel zegt me dat. Maar of mijn gevoel gelijk heeft, weet ik niet. Dan wil ik een partituur zien en kijken hoe de componist het heeft gemaakt. Dat laatste is misschien beroepsdeformatie. Door te analyseren wat een componist heeft geschreven word mij de compositie duidelijk. Er zijn drie parameters of componenten die de vorm van een stuk bepalen: melodie, beweging en samenklank. Er zijn er vier die de vorm hoorbaar maken: articulatie, frasering, dynamiek en timbre. Aan de hand van deze zeven componenten kan ik de kwaliteit van een compositie bepalen.

Dus kreeg ik meteen de eerste vraag om mijn oren. ‘Wat is dan een goede melodie?’ vroeg de orkestdirigent. ‘Ook daar zijn regels voor die je leert toepassen in het vak contrapunt,’ zei ik. Zo is een belangrijke regel dat de hoogste noot in een melodie niet wordt herhaald. Voor alle componenten bestaan regels. Door die te bestuderen en aan stukken te toetsen, wordt je oordeel gescherpt. In een compositie moeten echter niet alle componenten tegelijk maximaal zijn. Het is juist de kunst om daar afwisseling en evenwicht in aan te brengen. Wanneer de componist een evenwichtige melodie schrijft moet die niet worden ondersteund door ingewikkelde samenklanken. Dat leidt af. Maar de ultieme regels voor een goed lied, een goede musical zijn niet te geven. Het geheel is toch altijd meer dan de som der delen. Anders had ik allang het beste en mooiste songfestivalliedje ooit geschreven.